Blog

  • Ter Heide

Hoe jij mijn hart in no time veroverde



5 jaar geleden is het ondertussen: de mooiste dag van mijn leven. 5 bewogen jaren geleden. Eindelijk kregen we er een pleegbroertje bij. Eentje uit de duizend. Een echte schat. Ik was meteen verliefd op je. Maar toen gebeurde er iets. Je was niet meer zo vrolijk als voordien. Je gedroeg je niet zoals dat hoorde bij een baby van ondertussen al een paar maanden. Er was iets mis. Iets serieus mis. We totterden van onze roze wolk en vielen pardoes op de realiteit.


Je was écht een deel van de familie geworden

Epilepsie


Je diagnose was snel bekend: epilepsie. De ernst ervan liet echter langer op zich wachten. De dokters beweerden dat we er uitzonderlijk vroeg bij waren en dat het met de juiste behandeling wel goed zou komen. Later bleek dat niet het geval. Je had ons gezin goed wakker geschud toen, ventje. Dit was voor altijd. Je zou niet beter worden. We zouden je nooit toejuichen langs een voetbalveld. We zouden je nooit leren fietsen en we zouden je minder en minder zien lachen. Dat laatste vond ik nog het ergste. Maar het was te laat. We zagen je al doodgraag. Je was écht een deel van de familie geworden.


Om je de beste zorgen te geven die je maar kon krijgen, ging je naar Pulderbos, een revalidatieziekenhuis in Antwerpen. Dat was wennen, want opeens zagen we je niet meer elke dag. In het begin mocht je nog elk weekend naar huis komen, maar omdat het zo ver was, werd ook dat niet altijd haalbaar meer. Zo schakelden we al snel over op 1 keer per maand. Dat vond ik veel te weinig, maar ik zag ook geen andere mogelijkheid.


Gelukkig hebben ze daar een jaar lang goed voor je gezorgd, maar een oplossing vonden ze niet. En terug naar huis komen was geen optie meer. Thuis konden we jou de zorgen die je nodig had niet geven. In een voorziening zouden ze je veel meer kunnen bieden. Zo kwamen we uit bij Ter Heide. Daar kreeg je een plekje waar je lekker jezelf mocht zijn. Waar je alle kansen zou krijgen die je nog kon krijgen. Waar je mocht groeien. Waar je vanaf toen thuis zou zijn.


Ik leefde in een wereld waarin jij er niet altijd was. Dat moest ik leren aanvaarden

Aanvaarden


Weet je, lieve schat, ik wou je zo graag kunnen helpen dat ik mezelf daar soms in verloor. De verzorgsters zien je op hun manier graag, daarvan ben ik overtuigd. Ze doen er alles aan om jou het zo goed mogelijk naar je zin te laten hebben, maar ik wou meer kunnen doen dan je enkel graag zien. Dat ging niet. Jij leefde in je eigen wereldje. Ik niet. Ik leefde in een wereld waarin jij er niet altijd was. Dat moest ik leren aanvaarden. Het kostte tijd en vroeg veel van me, maar ik kreeg niet altijd de tijd die ik nodig had. Ik moest elke tegenslag verwerken, hoe klein die ook was, maar ondertussen loerde de volgende alweer om de hoek. Ik moest steeds meer moeite doen om te zien wat je wel nog kon. Ik moest het gewoon aanvaarden. Net zoals de rest van mijn gezin ondertussen al voor een groot deel gedaan had.


Mijn hoofd ging te traag. Ik wou niet alleen verdriet om je hebben, want dat is niet wat ik voel als ik aan je denk. Dan voel ik liefde. Veel liefde. Immens veel liefde die enkel en alleen voor jou bestemd is. Maar wat moest ik? Mijn verdriet groeide, rijkte bijna tot aan de schouders van mijn liefde voor jou. Ik moest dat groeien stoppen. Je zou nooit willen dat ik me slecht ging voelen door jou. Sterk zijn kon ik niet. Niet zolang ik zoveel verdriet om je had. Al had ik soms het gevoel dat je doodgezwegen werd. En waarom? Ik heb er nog altijd geen reden voor gevonden. Zijn mensen bang om naar je te vragen? Denken ze dan echt dat je zoveel anders bent dan hen? Of zijn ze bang voor mijn verdriet?


Ik had er genoeg van! Ik moest mijn verdriet eruit krijgen. Het moest voor jou. Alleen zo zou het kleiner worden en stoppen met groeien. En hoe doe je dat? Door te praten. Veel te praten met iemand die je vertrouwt. Ik heb al mijn verdriet eruit gegooid en vervangen door nog meer liefde voor jou. Enkel een heel klein bodempje gezonde tranen restte nog in het puntje van mijn hart. De rest zat vol liefde.


Ik wou er iets mee doen. Ik wou nog gelukkiger worden en van mijn leven genieten, want jij leerde me dat niet iedereen die kans krijgt. Ik wel. Vanaf toen zou ik die met beide handen grijpen en nooit meer loslaten, net zoals ik met jou zou willen doen. Mijn hart moest groeien, zodat alle emoties en indrukken die ik in mijn leven mocht opdoen erbij konden. De deur van mijn hart moest open. Hij zat ondertussen al flink vastgeroest, maar na wat stoten kreeg ik er toch beweging in en kreeg mijn hart zuurstof. Mijn droom was dat mensen naar binnen konden kijken en zagen dat het kon: overeind krabbelen.


Loslaten brengt me dichter bij je dan ooit

Loslaten


Ik dacht vroeger dat ik jou zou vergeten als ik niet meer zoveel aan je dacht en niet meer verdrietig om je was. Ik dacht dat wanneer ik je niet dicht bij me hield, je alleen maar verder weg zou drijven. Nu weet ik wel beter. Je hebt me geleerd dat loslaten me dichter bij je brengt dan ooit. Om los te laten was praten niet genoeg. Ik moest mijn gedachten ergens kwijt. Ergens waar ze veilig waren. Op papier! Zo schreef ik in een maand tijd een verhaal over jou. Voor jou. Toen was ‘Wolkjes! - Wat als je pleegbroertje plots ongeneeslijk ziek wordt?’ geboren. Weer een nieuw avontuur. Weer een gebeurtenis die me het gevoel geeft dat ik leef. Dat ik leef voor jou. Ik zie je graag!


Je trotse zus,

Kato


Kato is 15 en pleegzus van bewoner Aaron (bewoner Huis 4). Sinds 2015 is haar gezin een pleeggezin. In haar boek ‘Wolkjes! Wat als je pleegbroertje plots ongeneeslijk ziek wordt?’ vertelt ze over haar ervaringen als pleegzus van een broertje met een beperking. Zo wil ze mensen in een gelijkaardige situatie een hart onder de riem steken.


Wil je meer lezen? Je kan Wolkjes bestellen via www.boekscout.nl/shop2/boek.php?bid=11065. Veel leesplezier!